Overslaan en naar de inhoud gaan

Speel zelf de muziek van Leonora Duarte

Zelf aan de slag met muziek uit het 17de-eeuwse Antwerpen? Dat kan. Leonora Duarte schreef omstreeks 1640 enkele muziekstukken die de oudste overgeleverde muziek van een Antwerpse componiste zijn. Op vraag van Museum Vleeshuis bewerkte Korneel Bernolet twee van de werken voor klavier, zodat je ze (ook) thuis kan spelen. Ga de uitdaging aan en ontdek de klank van de Antwerpse barok.

Op de concerten die de Duartes rond het midden van de 17de eeuw in hun stadspaleis aan de Meir organiseerden, klonk muziek van componisten uit heel Europa, gespeeld door de dochters des huizes. Een van hen, Leonora (1610-1678), componeerde ook zelf, net als haar broer Diego.

Het is bijzonder jammer dat er zo weinig partituren met hun composities werden overgeleverd. Uit brieven weten we dat Diego alle 150 psalmen van David van muziek voorzag en dat hij regelmatig ook losse teksten op muziek zette, zoals gedichten van vrienden. Helaas gingen al deze muziekwerken verloren. Enkel van Leonora werd muziek overgeleverd: een handschrift (Christ Church College, Oxford) met zeven Sinfonias voor een consort van vijf viola da gamba’s, geschreven tijdens het tweede kwart van de zeventiende eeuw.

Gaspar Borbon, viola de gamba (Museum Vleeshuis)

Leonora en haar muziek

Muziek voor viola da gambaconsort was vooral erg populair in het vroeg-17de-eeuwse Engeland, en de Sinfonias van Leonora hebben dan ook een onmiskenbare Engelse vorm (hoewel een van de stukken op een ricercar van de Italiaanse componist Girolamo Frescobaldi teruggaat). De connectie van de familie met Engeland was dan ook sterk. Niet alleen was er de invloed van muziekleraar John Bull, een Engelsman die naar Antwerpen was uitgeweken, ook was er de hechte vriendschap met de Engelse hofcomponist Nicholas Lanier. Bovendien was Leonora’s broer Diego tussen 1635 en 1642 de hofjuwelier van Karel I van Engeland en verbleef hij aan het Engelse hof waar hij ongetwijfeld in contact kwam met de muziek van onder meer William Lawes en Orlando Gibbons. Het is niet ondenkbaar dat Diego Leonora regelmatig partituren met Engelse consortmuziek toezond en dat ze zich daar liet door inspireren.

De Sinfonias van Leonora zijn unieke getuigen van de huislijke muziekbeleving en van de ooit zo geroemde muzikale salons die de Duartes organiseerden. De culturele avonden waarop het gezin hun vrienden ontving, gezeten bij het haardvuur met een goed glas wijn, bestonden uit discussies over de wetenschappen, poëzie en literatuur, schilderkunst en filosofie, afgewisseld met onder meer kamermuziek voor consort en met klavecimbelmuziek.

Leonora Duarte neemt bovendien een bijzondere plaats in de muziekgeschiedenis in: er zijn immers slechts een handvol zeventiende-eeuwse vrouwelijke componisten bekend. Helemaal uitzonderlijk wordt het wanneer we bedenken dat ze een Joodse achtergrond had, waardoor ze steeds op haar hoede moest zijn. Maar in een stad waar Joden niet welkom waren en waar conversos (joden die zich tot het katholicisme hadden bekeerd) zich zo onopvallend mogelijk dienden te gedragen, vormden de kunsten in het algemeen en de muziek in het bijzonder een veilige, universele taal, wars van elk religieus vooroordeel.

Twee sinfonia's

In 2017 liet Museum Vleeshuis de zeven sinfonia's van Leonora Duarte voor het eerst opnemen. Het resultaat was de cd 'The Duarte Circle', ingespeeld door het ensemble Transports Publics onder leiding van Thomas Baeté en met medewerking van Korneel Bernolet.

Op vraag van Museum Vleeshuis bewerkte Korneel Bernolet – klavecinist, dirigent en docent aan het Koninklijk Conservatorium van Antwerpen – nu twee sinfonia’s voor klavier, en bracht hij zo vijf instrumenten terug naar één. Het is geen eenvoudige muziek, maar wie de uitdaging durft aangaan, ontdekt de klankwereld van het barokke Antwerpen van Rubens, Van Dyck… en Leonora Duarte.

De partituren kan je hier downloaden:

Benieuwd hoe de partituren klinken? In de filmpjes hieronder speelt Korneel Bernolet de sinfonia's op het moeder-en-kindvirginaal uit zijn collectie. Zowel moeder als kind zijn gebouwd naar voorbeelden uit de collectie van Museum Vleeshuis.

  • Virginaal (muselaar, 6 voet), door Walter Maene (1976) naar Joannes Couchet (Antwerpen, 1650), collectie Museum Vleeshuis
  • Ottavino (kindvirginaal), door Walter Maene (2018) naar Andreas Ruckers (Antwerpen, ca. 1626), collectie Museum Vleeshuis

Schrijf je in voor de nieuwsbrief